Vertrouwen: wat draag jij bij?


Vertrouwen, een veel besproken woord. Juist nu, na de aanslagen in Parijs, dringt dit woord zich aan me op. Ik lag wakker door een verlies van vertrouwen in mijn eigen veiligheid. In mijn medemens. In de instituten die ons tegen dit soort geweld zouden moeten beschermen. Tegelijkertijd wil ik me daartegen verzetten; als we ons vertrouwen verliezen, wat houden we dan over? Dat kan en mag niet gebeuren.

Waar hebben we het over als we spreken over ‘vertrouwen’? Uit verschillende definities blijkt dat vertrouwen rechtstreeks samenhangt met ‘de bereidheid om kwetsbaar te zijn’ en ‘positieve verwachtingen’ ten aanzien van de ander. Zo luidt een definitie van Rousseau et al. (1998: 395):

‘Vertrouwen is een psychologische staat, namelijk de intentie om kwetsbaarheid te accepteren op basis van positieve verwachtingen met betrekking tot de intenties of het gedrag van de ander’.

Vertrouwen wordt dan versterkt als de positieve verwachtingen in het onderlinge contact worden bevestigd. Bij weinig sociale interactie of bij het schenden van de verwachtingen, neemt het vertrouwen af. Nog een mooie toevoeging: vertrouwen begint daar waar rationele voorspelling ophoudt alles te verklaren wat er tussen mensen gebeurt (Luhmann, 1979; Gambetta, 1988). Vertrouwen is dus eerder een gevoel. Herkenbaar.

Ik geloof dat vertrouwen essentieel is voor het functioneren van onze samenleving en van de organisaties binnen die samenleving. Dit zie ik ook bevestigd in onderzoek (Dohmen, Verbakel en Kraaykamp, 2010; Schmeets en Te Riele, 2010; 2014). We zien de laatste jaren, mede ingegeven door de crisis, een toenemende belangstelling voor vertrouwen in organisaties en onze samenleving.

Persoonlijk ben ik altijd eerder te goed van vertrouwen geweest dan wantrouwend. Ik besef dat het mij van nature goed afgaat anderen te vertrouwen. Maar natuurlijk word ook ik op de proef gesteld. Door de aanslagen bijvoorbeeld. Ik voel me machteloos als ik kijk naar geweldsincidenten in de wereld; hier spelen complexe krachten waar ik geen invloed op heb. Waar ik verdrietig van word. Waar ik met enige vertwijfeling kijk naar politiek leiders, bestuurders, veiligheidsinstituten. Maar het brengt me ook bij de vraag die ik zelf vaak aan medewerkers binnen organisaties stel: wat kan ik zelf doen? Wat ligt binnen mijn eigen invloedsfeer?

Dan kom ik allereerst uit bij het schrijven van dit stuk: mijn stem laten horen, mijn betrokkenheid tonen, mijn visie delen:

Wat er nu aan geweld om ons heen gebeurt, doet een enorm appèl op onze veerkracht. Veerkracht in ons vertrouwen. Juist omdat vertrouwen onze backbone is, zullen we daarover met elkaar in gesprek moeten blijven. We zijn als samenleving het sterkst als wij onze sterke, mooie verbindingen met elkaar blijven koesteren. Hoe houden we die in stand? Wat is ervoor nodig om elkaar te blijven vinden, zonder vooroordelen, zonder mensen bij voorbaat buiten te sluiten? Wat vraagt dat van ons? Het antwoord heb ik niet, maar ik ga er graag over in gesprek.

Wat kan ik verder doen? Ik neem mezelf voor om in mijn eigen omgeving bij te dragen aan onderling vertrouwen. Met een open blik blijf ik kijken en luisteren naar de mensen om me heen. Bij mij in de wijk, in de stad, bij mijn dochter op school, op reizen die we maken. Ik blijf daarnaast doen wat ik professioneel doe: werken aan onderling begrip en wederzijds vertrouwen in organisaties. Als coach, met mijn kennis over betrokkenheid, communicatie en emotionele intelligentie. Kleine steentjes in de rivier leggen, daar geloof ik in. De incidenten bekrachtigen voor mij het belang van mijn bijdrage.

Ik wens jou mooie verbindingen toe met de mensen om je heen. Ook ben ik benieuwd naar jouw persoonlijke bijdrage aan ons onderling vertrouwen. Een samenleving waarin vertrouwen domineert, daar teken ik voor. En jij?


Featured Posts
Recent Posts
Search By Tags
Er zijn nog geen tags.